We mottuh met gemak maor weer us opstappuh.

Video

Advertenties

Mam ben jij punk geweest?

Toen ik nog op het Niels Stensen College zat, op Kanaleneiland, hadden we op de vrijdagavonden Oynck als uitgaansmogelijkheid, zonder alcohol, in ieder geval in het begin. In mijn herinnering eerst nog binnen school gevestigd en later een samenwerkingsverband aangegaan met scholierenvereniging Het Spinnehok op de Ridderhofstad in Utrecht.
Het zou vele jaren de, ietwat brave, plek worden waar ik mijn vrijdagavonden doorbracht om later een afzakkertje nemen in het café om de hoek daar, waarvan de naam me net te binnenschoot maar even hard weer wegfloepste. De Bedstee geloof ik. Waar ik van mijn vader absoluut niet mocht komen.
Daar leerde ik Berenburg drinken en van muziek te genieten, nog uit een echt juke box. Whiter shade of Pale enzo.  In het Spinnehok was het meer In a gada da vida en Just a Poke, en ja, de joints gingen welig rond. Al snel daarna, ook toen ik al van school af was, werd ook het Open Hof in Maarssen dorp tijdelijk hot, en fietsten we dan ook van hot Maarsen naar her Bedstee of bleven we plakken in plattelands Geesbergen. Rondjes op de fiets via Zuilen, naar Rivierenwijk waar ik woonde, met vaak een dronken vriendje achterop.

Veel later pas zou ik deel gaan uitmaken van de punk scene in Utrecht maar dat is allemaal veel beter beschreven dan ik het kan, in het krantje wat ik vanavond opdook met fotoos van voor mij allemaal bekende gezichten en bekende namen. Wat later mijn vriendje zou worden, trouwde daar voor de grap, o net niet want hij zei ‘nee’ op het cruciale moment, en daarna hadden we wel bruidstaart in de Zadelstraat bij de kroeg van die Engelsman met zijn blonde vrouw, die later een restaurant aan de Oude Gracht zouden beginnen. The Ostrich was dat. Dus misschien waren ze wel Australisch.

Wat me vooral bijgebleven is, is hoe ik eruit rolde, uit de punk en krakersscene. Een van de grootste bekken die ook echt een beetje aan de rand van criminaliteit leefde of duidelijk eroverheen, werd vermoord, en in één klap was alle onschuld verdwenen.
Mijn vriendje kreeg een baksteen tegen zijn kop van een van de pooiers die probeerden De Biltstraat te ontzetten, een pand wat wij net gekraakt hadden. Toen hij op de Maliesingel ook nog een politiekogel langs zijn hoofd voelde fluiten, was het voor mij klaar. Asl er een volgende keer zou komen waarbij het goed raak zou zijn, dan wilde ik niet degene zijn tegen wie hij bloedend en dood neer zou vallen, al was thuis zitten naar bleek haast nog zenuwslopender.
Ondertussen was ik op de Nobeldwarsstraat komen wonen bij een van de twee woongroepen, later zouden die panden aangekocht worden door de SSH en voor ons, toch zeker 14 mensen in totaal, geheel gerenoveerd. Gered uit handen van een speculant die het liet verrotten om er later geld voor te kunnen maken door de grond te verkopen.
Afgelopen vrijdag bij het voorbereiden van de instawalk op 25 november kwamen we vrijwel overal langs, dus met recht een trip down memory lane.

Ik zou bij de kraakbond gaan, het Spinnehok verhuizen en de Ridderhofstad ook een begrip worden in de krakerswereld. Mijn vrienden zaten bij radio Gladiool en mijn vriendinnen bij de vrouwenradio het Wijff van Groll, waar ik soms voor free lancete. Het was met recht de tijd van illegale radio en menig keer stond ik op wacht of heb ik helpen mensen over het dak ontsnappen als de politie het station van de week, een van de slaapkamers van deze of gene, dreigde binnen te vallen om de boel in beslag te nemen, vaak ook stond ik op wacht. En eenmaal bij de krakersbond zou ik ook een actieve rol krijgen in het voorbereiden van het illegaal gaan bewonen van langere tijd leegstaande panden, vaak voor speculatie doeleinden leeg gehouden

Utreg-punx: de explosie 1979 – 1981

————

Een van de weinige locaties waar begin 1979 punk- en andere ‘undergroundmuziek’ werd gedraaid, was het Spinnehok op de Ridderhofstad, later op de Oudegracht. Vaste gasten daar waren Lex, Gerben en Robin (later de spil van de Utrechtse punkband Lullabies) en Marian, Nicky en Ilva (later de harde kern van de meidenpunkband Nixe).

Voor Ilva Poortvliet en Marian de Beurs van de Nixe bij voorbeeld was het optreden van The Duds in januari 1979 in de Kasbah in Maarssen een van de eerste kennismakingen met punk. Marian: ,,Wat een vreselijk ruige band! Leren jackies, veiligheidsspelden en zo’2n rauwe, onverschillige uitstraling. Indrukwekkend, maar tegelijkertijd kreeg ik er de rillingen van en liep ik er het liefst met een grote boog omheen.”

Ook Erik de Jong (tegenwoordig bekend als Spinvis)  onderschrijft dat het er tijdens optredens van The Duds ruig aan toe kon gaan, zowel voor als op het podium. ,,Ik ging zo op in die rauwe, primitieve muziek die we maakten, dat mijn witte Fender Stratocaster na afloop van het optreden helemaal rood zag van het bloed. Ik speelde zonder plectrum, maar voelde nauwelijks iets van de wondjes op mijn handen: je zat helemaal in die roes van alcohol, energie en harde muziek.”
Punk in Utrecht

1984: Kennismaking met het mooiste van Utrecht

Het Rietveld – Schröderhuis

In 1984 begon ik met mijn studie Fysische Geografie in Utrecht. Ik woonde het eerste jaar nog thuis in Hilversum en reisde dagelijks met trein en fiets naar de Universiteit op de Uithof. Vanaf Utrecht Centraal fietste ik dan via het Vredenburg, Potterstraat, Nobelstraat, Nachtegaalstraat en Burgemeester Reigerstraat naar het Wilhelminapark. Hier had ik altijd een beetje het gevoel dat ik de stad verliet. Teleurgesteld fietste ik dan na een paar minuten op de Prins Hendriklaan weer tussen de bebouwing. Na de Jan van Scorelstraat gekruist te hebben, fietste ik vervolgens langs het net leegstaande Sint Antonius Ziekenhuis. Vlak voordat de straat via een laag viaduct onder de toenmalige ringweg doorging, lag aan de linkerkant een grijze kubusachtige woning.

Pas na een paar weken kwam ik erachter dat dit het Rietveld-Schröderhuis  was. Ontworpen door Gerrit Rietveld , bij mij toen alleen bekend vanwege zijn stoel, in samenspraak met de bewoonster van het huis, Truus Schröder. Toen ik dat eerste jaar van mijn studie daar twee keer per dag langsfietste was mevrouw Schröder dik in de 90 en dat was aan het onderhoud goed te zien. De witte pleister was grauwgrijs. De primaire kleuren die het gebouw nu zo typisch bij de Stijl doen horen, waren niet goed meer zichtbaar. Voor de ramen hingen rafelige donkerbeige vitrages. Een enkele keer zag ik de vitrage bewegen en in de loop van de tijd fietste ik altijd iets langzamer langs het huis, in de hoop een glimp op te vangen. Niet zozeer van de oude bewoonster als wel van het interieur. Ik had echter nooit de moed om af te stappen, laat staan aan te bellen.

Een klein jaar later was duidelijk dat mevrouw Schröder was overleden. De staat van het huis was nog net zo deplorabel, maar de vitrage bewoog niet meer. Toen die een paar maanden later dan ook verdween, was duidelijk dat de renovatie was begonnen. Ik woonde intussen in Utrecht en kwam niet meer dagelijks langs mijn favoriete gebouw. Want dat was het ondertussen wel geworden. Ik stelde mij voor hoe het er van binnen uit zou zien en hoe het eruitzag in perfecte staat. Na de renovatie bleek dat wat betreft de buitenkant mijn verbeelding goed klopte. Het stralend witte pleisterwerk en de lijnen in de primaire kleuren waren precies zoals ik het mij had gedacht. Het interieur overtrof al mijn verwachtingen. Eigenlijk is het een vrij klein gebouw. Dankzij allerlei schuivende panelen is er echter veel ruimte te creëren. Daardoor lijkt het huis van binnen veel groter dan het in werkelijkheid is. Het meest onder de indruk was ik nog van het venster op de hoek aan de voorkant. Hier wordt geen raam opengezet, maar een heel huis. De ruimte stroomt letterlijk van buiten naar binnen. Ik heb nog nooit een huis gezien waar vorm en functie zo perfect samenkomen.

Nou was het wel zo dat ik als bezoeker niet alles zag. Het verhaal gaat dat het dak vaak aan lekkage onderhevig was. Een probleem dat zich vaker bij huizen van Rietveld voordeed. Een ander nadeel van het huis is dat het in Utrecht staat. De stad waar ik woon. Het huis is nu ongeveer twintig jaar open voor het publiek en ik heb het pas twee keer bezocht. Had het in een grote stad ergens in Europa gestaan, dan was ik er vast vaker geweest. Ik fiets er wel vaak langs. De laatste jaren ook met mijn dochters. Enthousiast vertel ik dan hetzelfde als hierboven. De oudste heeft zelfs korte tijd de ambitie gehad architect te worden.

Het zou trouwens nog jaren duren voordat ik erachter kwam dat er in Utrecht nog veel meer gebouwen van Gerrit Rietveld staan. Een heel fraai rijtje notabene aan de andere kant van die ringweg.

Gek met oma – Jekerstraat 31

 

Jekerstraat 31 Utrecht Hier zal ik net of bijna twee jaar zijn. Bij mijn oma op de Jekerstraat. Van die tijd kan ik me nog Sita de hond herinneren die in de keuken lag omdat ze puppies had.
En dat ik niet zo heel lang daarna op de eettafel zou staan swingen op de Beatles en vooral het yeah yeah yeah van I love you zou meezingen….
In die tijd kwam ik veel bij allebei mijn opa’s en oma’s hier in Utrecht, want wij woonden toen in Amsterdam en kwamen volgens mij bijna ieder weekend deze kant op.

Zingen is een apart verhaal in mijn leven, wat pas veel later zelfs een lastig issue werd.
Dit omdat ik bij zangles niet mee mocht zingen van meester van Schaik op de lagere school. De Gertrudis in de Amaliadwarsstraat.
Dit omdat ik volgens hem vals zong.
Ik mocht wel met mijn mond bewegen daar achter in de klas. Dat moest zelfs.
Daarna heb ik meer dan tien jaar niet gezongen, totdat ik het even, zo rond de 20, met een vriendenclub weer probeerde. Ook dat was geen succes, dus nog maar even het zwijgen ertoe gedaan.
Totdat ik mezelf als therapie 3 weken op een Zweeds eiland cadeau gaf. Iedere dag 6 uur zingen. Nou dan leer je wel durven zou ik zo denken. Dat was ook zo.
Maar steeds ben ik nog niet zo goed in toon houden als het er voor iemand anders op aan komt, of als er twee of meerstemmig gezongen wordt, dan glij ik af.

De rest van mijn leven zou zingen niet-zingen als een rode draad blijven terugkomen.
Van mijn nieuwe lerares heb ik gehoord dat dat volstrekt logisch is… Maar zeker te verbeteren. Dus dat geeft hoop. En vreugde. Het zingt weer samen in mij.

De jongste broer van mijn vader zat (en zit nu al meer dan 50 jaar) bij de van origine Utrechtse band The Jets.
In hun begintijd oefenden ze ook wel in de huiskamer van mijn oma op de Jekerstraat.
Ik vermoed dat zij mijn eerste kennismaking met muziek vormden.
Niet verkeerd.

hand in hand van zijn tijd naar mijn tijd

Ik zal twee geweest zijn, niet veel ouder. Aan de hand van mijn opa loop ik op een kiezelpad wat door het gras kronkelt.
Aan de rechterkant is water. Vermoedelijk in de buurt van de sterrewacht. Ik herinner me vooral hoe hij links van me hoog de hemel in torent. Zijn kale hoofd en wat ze vroeger een ziekenfonds brilletje noemen, omlijst door de blauwe lucht.
Dan zeggen ze dat je voor je derde geen bewuste herinneringen hebt, dat het een foto moet zijn geweest. Toen alles nog zwart/wit was, was het gras daar groen en de lucht blauw.
Voor mij genoeg bewijs, al heb ik dat niet nodig.
Het innige gevoel van ‘lief’ gaat er namelijk mee samen.